De wedstrijdverslagen van onze 2 atleten die de Hel in Kasterlee 2011 tot een goed einde brachten willen we jullie niet onthouden. Speaker Hans Cleemput bezorgde menig atleet terug een kippevelmoment in de sporthal van Kastel. Joel en Boeli vonden tijd voor een verslagje en kunnen nu genieten van de feestdagen.
Het licht ging uit vannacht (door Joel)
Zondag 18 december omstreeks 17u. De zon begint onder te gaan en ook bij mij voel ik het licht uitgaan. Nog 10 km te gaan en nog 1,5 km tot de bevoorrading. Beetje cola drinken en het zal wel weer gaan denk ik. Maar de duisternis valt snel... Als ik stop aan de bevoorrading moet ik zowaar eventjes naar mijn evenwicht zoeken, oei. Snel enkele slokken en weer weg, maar de benen lijken niet meer op gang te krijgen. Dit is de hel, hier heb ik naartoe geleefd. De benen willen niet meer, pijn. Blijven lopen denk ik, ik moet blijven lopen. De tred wordt steeds trager en de kilometers langer. Maar de finish nadert... Als een duivel uit een doosje sprint Davy mij 100 meter van het einde voorbij, ik sprint er achter aan, de toeschouwers juichen ons toe, die gekken sprinten nog! Fantastisch, we did it! Het einde van een loodzware maar prachtige wedstrijd. De eerste 15 km waren eigenlijk een opwarming, maar bij het fietsen was het onmiddellijk menens, onafgebroken ploeteren door modder en ijskoude plassen. Zwaar, maar zo heb ik het graag. Het tweede deel lopen boesemde mij vooraf het meeste angst in. Na 105 km MTB ben je altijd moe, maar eigenlijk ging het lopen lange tijd veel vlotter dan verwacht, totdat de zon onderging.
Groeten,
Joel
Waarom de Hel? (door Boeli)
Wel, door operatie en blessures dit jaar, diende ik noodgedwongen IM Regensburg en de ½ triatlon te Gérardmer te annuleren. Vervolgens ben ik op zoek gegaan naar een nieuwe uitdaging want bij de pakken blijven zitten staat niet in mijn agenda. Kasterlee zou mijn nieuw doel worden. Een kleine maand geleden maakte ik de eerste verkenning op het vernieuwde fietsparcours. Het lag kurkdroog en het stof kroop tussen de tanden. Vorige week diende ik ter plaatse mijn nummer op te halen en verkende ik nogmaals het fietsparcours. Slik, wat een verschil, de reeds toen gevallen regen had het parcours omgetoverd in een modderboeltje, waarbij sommige stukken reeds onberijdbaar werden. Vele vragen zoefden tot nu zondag voor de start door mijn hoofd, ga ik dat kunnen, zou ik wel starten? Want ondertussen waren er nog bakken regen bijgevallen. Dan maar starten zeker… ondanks de onregelmatige looptrainingen die ik heb kunnen afwerken. Dit door blessures aan de kuit en knie tijdens oktober, november en begin december. Ik ben kunnen blijven trainen, doch soms met de rem erop. Daags voor de hel vertrok ik samen met mijn vrouwke richting Kasterlee. Regen, regen en wat smeltende sneeuw. Kon slechter dus….
Op zondag arriveerden we omstreeks 6:15 uur aan de poort van de hel, alwaar ik mijn spullen voor de wedstrijd kon gaan plaatsen en mijn fiets mocht klaarzetten. De organisatie deelde ons daar mede dat het fietsparcours op verschillende stukken niet te berijden was en dat diepe plassen, tot aan de knieën, ons wel eens kou doen zouden kunnen krijgen. Met die info kon de dag dus niet meer stuk. Om 7:50 uur kregen we vuurwerk en voorstelling van de atleten die kans maakten op de overwinning. Om 8 uur stipt werd het langverwachte startschot gegeven en vertrokken Joel en ik zij aan zijn aan onze eerste 15 km. Hierbij voelde ik onmiddellijk dat ik frisse benen had (dank aan Robert, alias “snor” den masseur, die er weer zijn werk had van gemaakt) en ik liep 1u5min op mijn eerste afstand. Vervolgens de sporthal binnen en de fietskledij aan. Ik heb me vooropgesteld om een 6 uur onderweg te zijn op de fiets en merkte na de eerste ronde dat ik beter zou doen. Want Ik maalde de eerste en tweede fietsronde af op een groot uur. Maar toen kwam mijn gekende en gevreesde probleem: mijn maag. Geen hap of slok kreeg ik nog binnen zonder te wurgen. Ik deed vervolgend 1u15 min over ronde 3 en 1u22 min over ronde vier. Ik begon te twijfelen en was vastberaden te stoppen na ronde 4. Maar dit was buiten mijn vrouwke gerekend en Cyriel. Iedere fietsronde nam ik een korte stop om vers eten en drinken. Ik kon ze het niet aan doen om op te geven en riskeerde mij om een colaatje te drinken. Ik zette terug aan en nog geen 2 min later deed de cola zijn werk al. Buuuuuuuuuurp, er kwam terug leven in de maag.
Onmiddellijk voelde ik mij goed en maalde ik mijn laatste rondje fietsen terug af aan het tempo van mijn eerste 2. Wisselen geblazen, met koude voeten, handen, armen, benen, neus, oren, rug, nek, alles eigenlijk, zag ik al uit naar droge en verse loopkledij. Maar dan moest ik wel eerst uit mijn schoenen geraken. Meer dan 10 min hebben ze met 3 personen mijn schoenen proberen los en/of uitkrijgen. De modder had zich in en onder het slotje van mijn schoenen gezet, waardoor deze niet te openen waren. Hierdoor werd ik genoodzaakt deels onder de douche te kruipen om het slijk van tussen de schoenen te spoelen. Oef, gelukt, maar ondertussen volledig verkleumd en stijf aan het worden. Na ruim 15 min wisselen kon ik van start gaan aan de afsluitende 30 km loop. De eerste 15 km waren rampzalig en legde ik af in 1u 29 min. Had totaal geen fut meer, ik was leeg, op en zag af zoals nooit voordien. Dit was het gevolg van meer dan 2 uur enkel water drinken op de fiets. Als ge der geen nafte ingiet…. En plots, daar lag de finish… , nog een rondje dus ;(.
Joel was me ondertussen op km 6 reeds “voorbijgesneld”, net zoals een kleine 50 andere atleten. Al moest ik kruipen, ik zou de finish halen. Mijn vrouwke, die me tijdens de laatste 30 km vergezelde op de fiets, sprak me steeds weer moed in. Ze zei dat ik nen straffen kerel zou zijn als ik dit volbracht. En anders niet ofwa…. . Raar maar waar, de laatse 15 km kreeg ik terug “energie” omdat ik had kunnen eten, en hierdoor kon ik terug wat “lijkjes” die voor me liepen inhalen. Ik maalde de 2de loopronde een kwartier sneller af dan mijn eerste. Mijn benen deden pijn, vele lichaamsdelen waren gevoelloos van de kou geworden (nee ik specificeer deze niet). Nog 1 km te gaan en mijn Veerle maakte me er attent op dat er nog 4 rode fietslichtjes (begeleiders van lopers) binnen bereik waren voor de finish. Ik was al zo content dat ik er zou geraken en nu mocht ik nog eens gaan versnellen ook. Tanden op elkaar, de ogen dicht op sommige stukken (passeert tijd sneller vind ik) en goan. Een ja hoor, ik geraakte er nog bij.
En wonder boven wonder, de laatste persoon die ik voorbij “snelde” (slakkentaal) was onze Joel. En deze vond het dan ook nog eens nodig om mee te versnellen want hij wou hem niet geven. ZALIG, we liepen samen over de meet. De laatste 200 meter zijn niet te beschrijven. Op dat uur stond er nog een massa mensen ons aan te moedingen en ons proficiat te wensen. Na 10u2min liepen we de sporthal van Kasterlee binnen op een rode loper en kregen een medaille over het hoofd gelegd alsof we een held waren. Wat volgde was een warme deugddoende douche en een rit huiswaarts. Om af te sluiten wil ik in de eerste plaats mijn vrouwke Veerle bedanken voor de steun tijdens en de weken voor de wedstrijd. Om de koude en de natte te trotseren tijdens de hel. Bij deze wens ik ook te vermelden dat de organisatie top is en dat de wedstrijd een aanrader is voor iedereen die op zoek is naar een uitdaging.
Groeten,
Boeli
































